Volgens berichten verschuift een groter deel van de assemblage van de iPhone 18 naar India. De gedachte ligt voor de hand: meer assemblage in India, dus een groenere telefoon. Maar daarmee sla je een stap over. Ook een in India geassembleerde iPhone 18 komt voort uit een technologieketen die zich over Azië uitstrekt: de chip uit het ene land, het scherm en het geheugen uit andere, en de camerasensoren, accucellen, printplaten en mineralen uit weer andere landen.
Het assemblageland op de doos vertelt je waar de laatste fabriek staat, niet waar de hele telefoon vandaan komt. Apple lanceerde de iPhone 18 Pro en Pro Max in september 2026, maar publiceert geen lijst van fabrieken of leveranciers per model. De cijfers over de productieketen verderop zijn daarom gebaseerd op berichtgeving en staan niet vast. Hieronder brengen we in kaart waar de milieu-impact van een iPhone ontstaat en waarom dat meer zegt dan het land op de doos.
De finale assemblage krijgt alle aandacht. Die is zichtbaar, politiek gevoelig en het snelst te verplaatsen binnen de keten. Precies daarom werd de verschuiving naar India nieuws. Maar de grootste milieukosten ontstaan eerder: bij chipfabricage, de productie van schermen en geheugen, printplaten, accu’s en behuizingen.
Volgens een levenscyclusanalyse van de Fairphone Gen 6 is het hoofdcircuitbord goed voor bijna de helft van de totale productimpact, met geïntegreerde circuits als grootste factor. Die meting geldt niet voor de iPhone, maar het patroon zie je bij vrijwel alle smartphones: de chipfabriek weegt zwaarder dan het assemblageproces. Zie Apple’s ‘China-plus-één’-strategie dus vooral als geopolitieke en operationele spreiding. Of die aanpak de CO2-voetafdruk verlaagt, lees je niet af aan het label op de doos.
Een smartphone draagt drie adressen in zich, elk met een andere betekenis. Bedrijfsoorsprong gaat over ontwerp en intellectueel eigendom: bij de iPhone dus de Verenigde Staten. Assemblage-oorsprong verwijst naar de laatste fase: inmiddels verdeeld over China en India, met kleinere volumes elders. CO₂-oorsprong draait om de componenten met de grootste impact: Taiwan, Zuid-Korea, Japan, het Chinese vasteland en verpakkings- en testhubs in Zuidoost-Azië.
De bredere iPhone-keten bestaat volgens Apple uit circa 2.700 onderdelen van 187 leveranciers, verspreid over 28 landen. Dat zegt iets over geografische spreiding, niet over wie het meest produceert: een land met één testcentrum telt net zo goed mee als een land met een gigantische accufabriek. Het ‘made in’-label zegt alleen waar is geassembleerd, niet waar de meeste uitstoot vandaan komt.
De onderdelen van de iPhone 18 wijzen elk naar een ander deel van Azië. Apple bevestigt dat de A20 Pro-chip met een 2nm-proces wordt gemaakt. Dat wijst naar Taiwan, waar geavanceerde chipfabrieken op dat niveau kunnen produceren. Ook Apples eigen C2-modem, de opvolger van de Qualcomm-modems in eerdere modellen, moet in een chipfabriek worden geproduceerd. Fabrieken die met die precisie kunnen werken, zijn er maar op een paar plekken. Voor het OLED-scherm en het geheugen wijzen berichten naar Zuid-Korea. Daar nemen Samsung en SK hynix een groot deel van de wereldwijde productie van geavanceerde schermen en geheugenchips voor hun rekening.
Voor camerasensoren kom je uit bij de Japanse industrie voor gespecialiseerde halfgeleiders en optica. Accucellen en printplaten wijzen naar het Chinese vasteland, waar batterij- en elektronicafabrieken dicht bij elkaar zitten. Daar komen verpakkings- en testcentra in Maleisië, Singapore, de Filipijnen en Thailand bij. Geen van deze gegevens is specifiek voor de iPhone 18 bekendgemaakt. Ze beschrijven het algemene patroon van recente iPhone-generaties, en tot nu toe wijst niets erop dat de iPhone 18 daarvan afwijkt.
Door assemblage naar India te verplaatsen, spreid je risico’s over meer landen. Maar een A20-chip van 2 nanometer doet juist het omgekeerde: die concentreert alles rond een paar topfabrieken wereldwijd, omdat maar heel weinig foundries op dat niveau kunnen produceren. Dezelfde stap kan dus in de ene fase voor spreiding zorgen, en in de andere juist alles samenballen.
TSMC, de bekende Apple-chipproducent, noemt voor het N2-proces tot 15% meer snelheid en 30% minder stroomverbruik, maar niet tegelijk, en niet per se voor het hele toestel. Die chip speelt dus drie rollen: echte efficiëntiewinst en minder warmte voor de gebruiker, toegang tot zeldzame productiecapaciteit voor Apple, en een kernafhankelijkheid die juist sterker geconcentreerd raakt naarmate assemblage wél spreidt. Meer landen voor assemblage betekent dus niet automatisch dat de kwetsbaarste stappen meebewegen.
Samsung heeft meer van zijn eigen keten in handen dan Apple of Google: van chips en geheugen tot schermen en eindproducten. Dat heeft voordelen én valkuilen. Samsung heeft meer directe controle, zoals het Privacy Display in de Galaxy S26 Ultra, alleen mogelijk door eigen knowhow, maar de eigen emissies en het stroomverbruik van die fabrieken tellen ook direct mee in de CO2-cijfers. Alleen al Samsung’s chipdivisie rapporteerde in 2025 zo’n 13,8 miljoen ton CO₂-equivalent aan directe uitstoot (Scope 1) en ingekochte energie (marktgebaseerde Scope 2), inclusief gassen als NF3, PFC’s en SF6.
Apple en Google besteden veel productie uit. Milieucijfers voor vergelijkbare processen belanden daardoor meestal in Scope 3: de CO2 die bij partners en toeleveranciers vrijkomt, in plaats van in de eigen fabrieken. Apple rapporteerde voor 2025 zo’n 15,3 miljoen ton CO2-equivalent in totaal voor productie, transport en gebruik samen. Bij Google is dat circa 18,85 miljoen ton, vooral door datacenters en cloudhardware, niet zozeer door smartphones.
Xiaomi gaf voor 2025 slechts 0,333 miljoen ton operationele uitstoot op, een incompleet beeld vergeleken met de anderen. Geautomatiseerde fabrieken kunnen sneller en zuiniger zijn, maar het energieverbruik is pas groen als dat ook transparant wordt gedeeld, en Xiaomi biedt daar geen modelspecifieke data bij.
Dit is geen ranglijst van telefoons. Samsung lijkt soms vuiler door zijn integratie, terwijl Apple en Google vergelijkbare processen wegstoppen in de partnerketen. Geen van beide vertelt je automatisch welke telefoon het groenst is.
Meer assemblage in India en Vietnam levert direct tastbare voordelen op: minder afhankelijkheid van één land, toegang tot snelgroeiende markten en minder importheffingen. Volgens Counterpoint stijgt India’s aandeel in wereldwijde iPhone-leveringen mogelijk naar 26% in 2026, tegenover zo’n 6% in 2022, al blijft dat een voorspelling en geen feit.
Wat ontbreekt, zijn lokale fabrieken voor high-tech chips, beeldschermen en geheugen, of eigen raffinage van batterijmaterialen. Zolang die stappen uitblijven, wordt een telefoon niet vanzelf groener door alleen een nieuw adres. Een overstap naar lokale leveranciers kan later volgen, maar dat is nog toekomstmuziek, geen gegeven.
Ga je ver genoeg terug in de keten, dan draait het niet meer om het land met de fabrieken, maar om het land met de mijnen. Volgens de US Geological Survey kwam in 2025 ongeveer 70% van al het gedolven kobalt uit Congo. Indonesië leverde tweederde van het wereldwijde nikkel. Lithium wordt vooral gewonnen in Australië, China en Chili. China haalde circa 69% van de zeldzame aardmetalen uit de grond en raffineerde meer dan 90% van alle grafiet, gallium en hoogwaardige magneten, aldus het International Energy Agency.
Daarmee kun je niet herleiden waar de mineralen in een specifieke iPhone vandaan komen. Maar het punt is helder: een ander assemblageland verandert niets aan de herkomst van de grondstoffen. De keten loopt van de mijn via raffinage en materiaalbewerking naar cel of component, subassemblage en pas daarna naar het etiket van de eindfabriek.
Apple meldde in 2025 meer dan 20 gigawatt aan duurzame energiecapaciteit bij leveranciers, goed voor ruim 38 miljoen megawattuur groene stroom. Dat klinkt stevig, maar de samenstelling telt mee: circa 55% certificaten, 39% langdurige stroomafspraken en slechts 2% eigen opwekking op locatie.
Die categorieën zijn niet gelijkwaardig. In volgorde van directe impact telt eigen opwek, zoals zonnepanelen op het dak, het zwaarst. Daarna volgen investeringen in nieuwe installaties, langetermijnstroominkoop voor nieuwe projecten, certificaten die goed aansluiten qua regio en tijd, en tot slot los ingekochte certificaten die geen extra groene stroom garanderen. Certificaten zijn niet nep, maar geven minder zekerheid over daadwerkelijk groene productie dan bijvoorbeeld een zonne-installatie naast de fabriek. Samsung meldt een vergelijkbaar patroon van certificaten en contracten voor locaties in Vietnam, China, India, Turkije en Egypte.
Apple stelt dat zeetransport minstens 95% minder uitstoot veroorzaakt dan luchtvracht, en dat een combinatie van zee en lucht die uitstoot verder terugdringt vergeleken met alleen vliegen. Nieuwe verpakkingen maken het mogelijk om veel meer toestellen per pallet te vervoeren, dus met dezelfde ritten meer producten te verplaatsen, een duidelijke efficiëntieslag.
Toch stegen Apple’s eigen transportemissies in 2025 van zo’n 1,95 miljoen ton naar 2,37 miljoen ton CO2-equivalent: ruim 22% meer dan het jaar ervoor, ondanks de betere verpakking. Een kleinere doos maakt een grotere lancering niet ongedaan zolang er nog genoeg toestellen per vliegtuig gaan. Voor de iPhone 18 zelf zijn er nog geen officiële transportcijfers. Vergelijk het uiteindelijke getal dus vooral met dit patroon, niet alleen met wat er op de verpakking staat.
De conclusie is simpel: het assemblageland van de iPhone 18 zegt vooral waar Apple zijn politieke en logistieke risico’s spreidt, niet waar de echte milieu-impact ligt. Daarvoor moet je kijken naar de kaart van componenten, het soort stroom in de fabrieken en de manier van transport. Vooralsnog neemt Apple geen van die drie volledig mee in zijn rapportages.
Echt bewijs zou er zo uitzien: een model- en opslagvariantspecifieke CO₂-voetafdruk voor de iPhone 18, lager dan die van een iPhone 17, gemeten met een vergelijkbare methode. Een werkelijke verschuiving van componentproductie, niet alleen van eindassemblage. Meer eigen opwekking en stroomafspraken bij de genoemde fabrieken. Absoluut minder uitstoot door luchttransport, dus niet alleen betere verpakking. Geen van die cijfers is tot nu toe publiek gemaakt. Zeggen dat een hoger aandeel gerecycled materiaal of een andere eindlocatie al genoeg is, klopt dus niet.
Dat betekent niet dat meer spreiding nooit iets oplevert: grotere assemblagehubs trekken vaak leveranciers mee. India of Vietnam kunnen daar op termijn van profiteren. Tot die tijd geldt: de enige bewezen manier om nú je voetafdruk te verlagen, is geen nieuwe telefoon kopen. Een refurbished iPhone 17 bestaat al, werkt al en is al maanden uit de productieketen.
Dit gaat bovendien niet alleen over Apple. Iedere fabrikant moet veel transparanter publiceren voordat claims echt controleerbaar zijn, precies zoals refurbed dat doet op zijn duurzaamheidspagina.
Heeft Apple de iPhone 18 al bevestigd? Deels. De iPhone 18 Pro en Pro Max zijn sinds 18 september 2026 te koop. Volgens berichten volgt de standaard iPhone 18 in het voorjaar van 2027. Apple publiceert geen cijfers over de productieketen per model. De cijfers daarover in dit artikel komen dus uit berichtgeving, niet uit officiële modelgegevens.
Wordt de iPhone 18 groener als hij in India wordt geassembleerd? Niet vanzelf. Assemblage is maar één van de vele stappen. De stappen met de grootste CO₂-uitstoot, de productie van chips, schermen en accu’s, vinden eerder in de keten plaats, in andere landen.
Welke productieketen is het duurzaamst: die van Apple, Samsung, Google of Xiaomi? Op basis van alleen de totale uitstoot kun je geen betrouwbare ranglijst maken. Als een bedrijf meer zelf produceert, komen de emissies uit de productie op een andere plek in zijn eigen cijfers terecht. Aan de uitstoot zelf verandert dat niets.
Klopt Apples claim over productie met hernieuwbare energie? De capaciteit bestaat en de cijfers zijn openbaar: in 2025 hadden leveranciers meer dan 20 gigawatt aan capaciteit voor hernieuwbare energie. Maar de energiemix bestond voor ongeveer 55% uit certificaten en voor slechts 2% uit stroomopwekking op locatie. Dat biedt minder zekerheid dan een eigen zonne-installatie bij de fabriek.
Hoeveel CO₂ bespaar je als je refurbished koopt? Als je een refurbished telefoon lang blijft gebruiken, vermijd je volgens het Franse ADEME per gebruiksjaar naar schatting 24,6 kg CO₂-equivalent aan uitstoot en de winning van 76,9 kg grondstoffen, vergeleken met nieuw kopen.
Wat zou bewijzen dat de iPhone 18 groener is dan de iPhone 17? Een geverifieerd levenscycluscijfer per model, lager dan dat van een iPhone 17 met evenveel opslagruimte en volgens dezelfde methode berekend. Een hoger percentage gerecycled materiaal is daarvoor geen bewijs, en een ander assemblageland op zichzelf evenmin.
Zolang de echte voetafdruk van de iPhone 18 onbekend blijft, is er al één bewezen keuze: sla een nieuwe productiecyclus over. Elke iPhone 17 op refurbed is getest, grondig gereinigd en vakkundig refurbished, nauwelijks van nieuw te onderscheiden, met Min. 12 maanden garantie en 30 dagen niet-goed-geld-terug. Nog duurzamer uit zijn? De iPhone 16 biedt dezelfde mogelijkheden voor minder.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang €15 korting!
Mis nooit meer een aanbieding.
Informatie over het gebruik van persoonsgegevens vind je in ons privacybeleid.
Bevestig aanmelding
Klik op de link in onze bevestigingsmail om je voucher te ontvangen. Deze is geldig bij aankopen vanaf € 200.